Bram neemt sabbatical in Doorn: ‘Ik wil gewoon even mezelf zijn’

Bram neemt sabbatical in Doorn: ‘Ik wil gewoon even mezelf zijn’

Bram, officieel wolf GW3237m, maar liever gewoon Bram zegt dat hij “voor het eerst in tijden weer een beetje grond onder zijn poten voelt”.
Na maanden van media-aandacht, bijtincidenten en provinciale spanning heeft hij besloten een stap terug te doen. “Ik moest even uit het narratief,” zegt hij, en glimlacht vermoeid. “Iedereen had een mening over mijn gedrag, behalve ikzelf.”

Imago en identiteit

De afgelopen periode was intens. Bram stond in talkshows zonder aanwezig te zijn, kwam voor in beleidsnota’s en werd onderwerp van politieke debatten.
“Er werd over me gepraat alsof ik een concept was. Niemand vroeg hoe ik het zelf ervaarde om voortdurend geobserveerd te worden.”
Hij zegt dat hij niet meer jaagde op honger, maar op verwachting.
“Je gaat reageren op de blik van de ander. Dat is dodelijk vermoeiend. Letterlijk.”

De beet noemt hij nu een wake-up call. Geen fout, maar een moment van inzicht.
“Als je te lang je grenzen negeert, bijt je vanzelf,” zegt hij. “Dat geldt voor iedereen die te veel geeft.”

‘Ik deelde te veel’

Over het DNA-onderzoek is hij opvallend open.
“Ik dacht altijd: delen is verbinding. Tot ik besefte dat sommige mensen niet snappen wat kwetsbaarheid betekent.”
Hij schraapt met zijn poot in de aarde. “Ik heb letterlijk sporen van mezelf achtergelaten, en daar praten mensen nog steeds over. Dat is het risico als je te authentiek bent in een onveilige omgeving.”

Sinds zijn sabbatical probeert hij te leven met meer intentie.
Hij eet wat de dag hem brengt, slaapt waar het donker is, en begint elke ochtend met wat hij zelf gronding noemt: een moment zonder prikkels.
“Het gaat niet om stilte, het gaat om afwezigheid van verwachtingen,” zegt hij. “Je leert weer luisteren naar de dingen die geen oordeel hebben.”

De prijs van zichtbaarheid

Bram weet dat hij niet alleen slachtoffer is van de aandacht, maar er ook van geprofiteerd heeft.
“Zonder mensen zou niemand me kennen. Maar met mensen ben ik altijd onderwerp. Dat is de paradox van zichtbaarheid.”
Hij noemt het “de vloek van de charismatische roofdierpersoonlijkheid”.

Hij probeert nu bewuster om te gaan met zijn reputatie.
Geen onnodige confrontaties, geen impulsieve ontmoetingen.
“Vroeger liep ik gewoon een straat in. Gewoon nieuwsgierig. Maar nieuwsgierigheid wordt in Nederland snel vertaald naar dreiging.”

‘Ik had grenzen, ik kende ze alleen niet’

De term ‘probleemwolf’ weigert hij nog te gebruiken.
“Ik vind dat framing,” zegt hij. “Alsof mijn bestaan een fout is.”
Hij kijkt even naar een voorbijvliegende kraai. “We hebben allemaal onze triggers. Ik was gewoon te vaak in situaties waarin mijn instincten sneller waren dan mijn rationeel denken.”

Zijn roedel ziet zijn verandering met gemengde gevoelens.
“De welpen noemen me tegenwoordig ‘coach’. Dat doet pijn, maar ik snap het. Ik praat meer dan ik jaag. Maar ik wil dat ze begrijpen: niet reageren is óók kracht.”

Over vaderschap

Hij is vader van vijf, waarvan er drie nog leven. Twee zijn overleden in het verkeer. In april kreeg hij opnieuw welpen, die nu de jonge kern van de roedel vormen.
Hij zegt dat het vaderschap hem veranderd heeft. “Vader worden is één ding,” zegt hij. “Weten hoe je er bent terwijl je alles wil beschermen, dat is wat anders.”

Hij hoorde pas laat wat er met de twee jongen was gebeurd.
“Dat kwam hard binnen,” zegt hij. “Je denkt altijd dat ze wel weten waar ze lopen. Maar sommige dingen leer je pas als het te laat is.”

Toch probeert hij het niet groter te maken dan het is.
“Het is geen Disney-film,” zegt hij. “Soms luisteren ze gewoon niet. Je probeert ze iets van je mee te geven. En dan zie je ze toch achter een fietser aanrennen.
Dan denk je: heb ik het dan helemaal fout gedaan?”

Hij lacht zacht, zonder vrolijk te klinken.
“Maar ja, zo gaat het. Je hoopt dat ze leren jagen op het juiste moment, niet uit onrust maar uit overtuiging. En als dat mislukt, dan laat je ze maar. Misschien is dat het enige wat je echt kunt doen als ouder: blijven hopen dat hun instinct net iets wijzer wordt dan het jouwe.”

Reputatieherstel in het wild

Of hij straks terugkeert, weet Bram nog niet.
Hij wil geen statement maken, zegt hij. Geen comebacktour.
“Het is geen vertrek, het is een herstart. Ik hoef niet meer begrepen te worden. Alleen nog erkend als levend wezen met een proces.”

De provincie noemt hem nog steeds een risico, maar Bram glimlacht.
“Risico is ook maar een vorm van energie. Als ik besta, ben ik per definitie een bedreiging. Dat zegt meer over hen dan over mij.”

Onder vuur

Sinds kort mag er officieel op hem gejaagd worden.
Bram weet dat, en hij praat erover alsof het een nieuwe fase in zijn carrière is.
“Er komt nu schot in,” zegt hij met een glimlach die tegelijk wrang en professioneel klinkt. “Letterlijk, maar ook figuurlijk. Sommige processen hebben blijkbaar druk nodig.”

Volgens Bram heeft elke tijd zijn vijanden nodig.
“Fortuyn noemde dat ‘de behoefte aan helderheid’. Mensen willen weten wie de schuld heeft.
Nou, dit keer ben ik dat dan.”
Hij haalt zijn schouders op. “Het is prima. Liever de wolf die te dichtbij kwam, dan weer een abstract probleem dat niemand voelt.”

Bram ziet het als onderdeel van zijn proces.
“Vroeger zou ik zijn gevlucht,” zegt hij. “Nu blijf ik gewoon lopen.”

Hij pauzeert even, krabt met zijn poot in de grond.
“Wie op mij jaagt, jaagt eigenlijk op zijn eigen angst. Ik loop alleen maar voorop.
Dat is mijn kracht. Ik ben niet het doelwit, ik ben het symbool.”

‘Ik werk aan mezelf, niet aan mijn imago’

Voorlopig blijft hij in Doorn. Niet om zich te verstoppen, maar om zijn ruimte te bewaken.
“Ik heb niets tegen mensen,” zegt hij. “Maar ik hoef er ook niet meer tussen te lopen om begrepen te worden.
Iedere ontmoeting werd een interpretatie. Daar heb ik mezelf uitgehaald.”

Hij zegt dat hij niet meer jaagt op erkenning, alleen nog op rust.
“Vroeger dacht ik dat samenleven betekende dat je alles moest delen; territorium, voedsel, grenzen. Nu weet ik dat je ook naast elkaar kunt bestaan.”

Hij kijkt even omhoog, waar de lucht openbreekt tussen de bomen.
“Laat ze maar praten over beleid en gedrag. Ik ben niet anti-mens, ik ben pro-mezelf.”

Hij grijnst even. “En verder? Geen plannen. Misschien blijf ik hier. Misschien verdwijn ik weer.
Niet alles hoeft te betekenen dat je groeit. Soms is blijven ademen ook al een keuze.”

Gerelateerde artikelen

Abonneer
Laat het weten als er